Actualiteiten

Advocatuur Mediation Overlegscheiding


Transitievergoeding bij naderen pensioengerechtigde leeftijd

Transitievergoeding bij naderen pensioengerechtigde leeftijd
Geplaatst op vrijdag 20 oktober 2017

Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft op 13 juli 2017 een oordeel gegeven over de vraag of een werknemer die de pensioengerechtigde leeftijd nadert recht heeft op de transitievergoeding bij ontslag. Voordat wordt ingegaan op het arrest van het hof, worden eerst kort de wettelijke regels van de transitievergoeding weergegeven.

De transitievergoeding
Vanaf de invoering van de Wet werk en zekerheid (WWZ) op 1 juli 2015 heeft een werknemer bij ontslag recht op de transitievergoeding, mits voldaan is aan een aantal voorwaarden. Allereerst moet het dienstverband ten minste twee jaar hebben geduurd. Zowel bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde als voor onbepaalde tijd bestaat recht op de transitievergoeding. Indien het dienstverband na twee jaar niet wordt verlengd of de werkgever heeft het initiatief genomen om het dienstverband te beëindigen door middel van een opzegging bij het UWV of een ontbinding bij de kantonrechter, heeft de werknemer in beginsel recht op de transitievergoeding.  Een werknemer maakt ook aanspraak op de transitievergoeding als hij zelf ontslag neemt of indien hij een tijdelijke arbeidsovereenkomst niet verlengt vanwege ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever.

Indien de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden wordt beëindigd door middel van een vaststellingsovereenkomst is de werkgever niet verplicht om de transitievergoeding te betalen.

Indien een arbeidsovereenkomst van een werknemer die de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt eindigt, heeft de werknemer geen recht op de transitievergoeding. Immers, de gedachte achter de transitievergoeding is dat dit een bedrag is ter compensatie voor het ontslag en om de overstap naar een nieuwe baan te vergemakkelijken. Dit is bij een werknemer die de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt niet meer aan de orde.

De hoogte van de transitievergoeding bedraagt maximaal € 77.000,- bruto of een jaarsalaris indien het jaarsalaris hoger is dan € 77.000,- bruto. De hoogte van de transitievergoeding wordt bepaald op basis van de het aantal dienstjaren en het brutosalaris inclusief de vakantietoeslag, eventuele eindejaarsuitkering of bonus en overige emolumenten.

Uitspraak Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch
Op 13 juli 2017 heeft het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch een arrest gewezen waarin de vraag of een werknemer die de pensioengerechtigde leeftijd naderde recht had op een transitievergoeding. Eerst worden de feiten van deze zaak weergegeven, waarna zal worden ingegaan op het oordeel van het hof.

In deze zaak ging het om een werknemer die een IVA-uitkering ontving en van wie de werkgever de arbeidsovereenkomst na twee jaar ziekte wilde beëindigen. De werknemer zou een paar maanden na de beoogde ontslagdatum de pensioengerechtigde leeftijd bereiken. De werkgever wilde de werknemer bij het einde van het dienstverband geen transitievergoeding betalen, omdat zij van mening was dat de achterliggende gedachte van de transitievergoeding, compensatie voor ontslag en de overstap naar een nieuwe baan bevorderen, niet van toepassing was. De kantonrechter volgde de mening van de werkgever gedeeltelijk en matigde de transitievergoeding naar € 25.000,- bruto. De volledige transitievergoeding bedroeg in dit geval € 73.514,42.

Het hof overwoog echter dat het niet de bedoeling was van de wetgever om een werknemer die de pensioengerechtigde leeftijd naderde een lagere of geen transitievergoeding toe te kennen. Alleen indien de arbeidsovereenkomst eindigt op of na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd is de werkgever de transitievergoeding niet verschuldigd. Het hof volgt de motivering van de werkgever niet dat een werknemer die de pensioengerechtigde leeftijd nadert, bijna in aanmerking komt voor een AOW-uitkering en om die reden niet gecompenseerd hoeft te worden in het ontslag. De transitievergoeding staat volgens het hof los van de schade of het inkomensverlies dat de werknemer door het ontslag lijdt. Het hof heeft derhalve geoordeeld dat de werknemer recht heeft op de volledige transitievergoeding van € 73.514,42 bruto.

Wilt u meer informatie over dit onderwerp of heeft u een andere vraag over het arbeidsrecht neem dan contact op met mr. Tessa de Mos of mr. Eline Geven. Ook kunt u iedere dinsdag tussen 16.30 en 17.30 uur langskomen op ons gratis spreekuur arbeidsrecht. 

Terug naar het nieuwsoverzicht

Worden uw openstaande rekeningen niet betaald of heeft u een geschil met uw afnemer? Kies dan voor de effectiviteit van een incasso advocaat.
Van Eerdenburg De Mos
advocatuur & mediation
Augustijnendreef 2
5611 CS Eindhoven
T: 040 - 82 00 906
F: 040 - 82 00 912



Ontwerp en techniek © 2013-2018 Montay Media