Actualiteiten

Advocatuur Mediation Overlegscheiding


Het voorwaardelijke ontbindingsverzoek onder de Wet werk en zekerheid (Wwz)

Het voorwaardelijke ontbindingsverzoek onder de Wet werk en zekerheid (Wwz)
Geplaatst op vrijdag 2 december 2016

Een ontslag op staande voet is één van de, zo niet de, meest vergaande maatregel in het arbeidsrecht. Een werknemer verliest zijn baan en hij heeft geen recht op een WW-uitkering. Het is dan ook niet vreemd dat een ontslag op staande voet veelal tot een procedure bij de kantonrechter leidt. De werknemer zal in beginsel vernietiging van het ontslag op staande voet verzoeken. Indien de werknemer in het gelijk wordt gesteld, is de werkgever gehouden om het loon vanaf het moment van het onterecht verleende ontslag op staande voet uit te betalen. Tevens zal de werkgever de werknemer weer moeten toelaten om zijn werkzaamheden te hervatten.

Vóór de invoering van de Wwz per 1 juli 2015 was het gebruikelijk dat de werkgever het risico van een loonvordering en terugkeer van de werknemer wilde beperken door middel van het indienen van een voorwaardelijk ontbindingsverzoek. De werkgever diende dan een ontbindingsverzoek in, onder de voorwaarde dat de arbeidsovereenkomst (nog) bestond en/of niet eerder op rechtsgeldige wijze was geëindigd. De werkgever kon hiermee een aanzienlijke loonvordering voorkomen en snel duidelijkheid krijgen over het einde van de arbeidsovereenkomst. Daarnaast was het onder het oude recht mogelijk om het ontslag op staande voet buitengerechtelijk te vernietigen. Met de komst van de Wwz sinds 1 juli 2015 is dit niet meer mogelijk en moet de werknemer binnen twee maanden een procedure ex artikel 7:681 BW bij de kantonrechter starten.

Over de vraag of een voorwaardelijk ontbindingsverzoek onder de Wwz nog steeds mogelijk is, wordt in de jurisprudentie en de literatuur verschillend gedacht.

Als argument wordt aangehaald dat hoger beroep kan worden ingesteld tegen een beschikking van de kantonrechter. Dit heeft tot gevolg dat bij een hoger beroep tegen de ontbinding een uiteindelijke beslissing op het verzoek tot voorwaardelijke ontbinding geruime tijd op zich laat wachten. Dit zou tot gevolg hebben dat een werkgever geen belang meer heeft bij een voorwaardelijk ontbindingsverzoek.

Ook kan in hoger beroep worden gegaan tegen een beschikking tot vernietiging van het ontslag op staande voet. Indien de werknemer met succes hoger beroep instelt tegen een afwijzende beschikking op een verzoek tot vernietiging van het ontslag op staande voet, dan heeft dit niet een vernietiging van het ontslag op staande voet of een herstel met terugwerkende kracht tot gevolg. Op grond van artikel 7:683 lid 3 BW moet het hof de werkgever veroordelen om de arbeidsovereenkomst te herstellen of om aan de werknemer een billijke vergoeding toekennen. Het is dus maar de vraag of een voorwaardelijke ontbinding effect kan hebben in de situatie dat een werknemer in hoger beroep herstel van de arbeidsovereenkomst vraagt en ook verkrijgt. Er kan immers worden beargumenteerd dat een dergelijk herstel de werking van de voorwaardelijke ontbinding ontneemt. De voorwaardelijke ontbinding treft namelijk alleen de oorspronkelijke arbeidsovereenkomst en niet de herstelde arbeidsovereenkomst.

De kantonrechter Enschede heeft op 26 april 2016 een overzicht gegeven van de wisselende standpunten in de literatuur en rechtspraak over de voorwaardelijke ontbinding. Vanwege de verdeeldheid acht de kantonrechter Enschede het van belang dat de Hoge Raad duidelijkheid geeft over de vraag of een voorwaardelijk ontbindingsverzoek onder de Wwz nog mogelijk is. De kantonrechter Enschede heeft daarom prejudiciële vragen aan de Hoge Raad gesteld. Dit betekent dat er in beginsel op korte termijn meer duidelijkheid over de voorwaardelijke ontbinding zal bestaan. Wij zullen u op de hoogte houden de laatste ontwikkelingen op dit gebied.

Indien u vragen heeft of informatie wenst over het arbeidsrecht kunt u contact opnemen met Tessa de Mos of Eline Geven. 

Ga naar de website bij dit artikel: http://bit.ly/1qftfzE

Terug naar het nieuwsoverzicht

Mediator in Eindhoven, gespecialiseerd in complexe echtscheidingen, waar een bedrijf of maatschap een rol speelt.
Van Eerdenburg De Mos
advocatuur & mediation
Augustijnendreef 2
5611 CS Eindhoven
T: 040 - 82 00 906
F: 040 - 82 00 912



Ontwerp en techniek © 2013-2018 Montay Media